Examen

Je moet 2 verschillende examens afleggen: eerst het theorie examen en daarna het praktische examen.

Theorie examen

Het theorie-examen bestaat uit 2 delen

Deel 1: 25 vragen gevaarherkenning.
Je moet hiervan minimaal 13 vragen goed beantwoorden.

Deel 2: 40 vragen verkeersregels en verkeersinzicht.
Je moet hiervan minimaal 35 vragen goed beantwoorden.

Je moet zowel voor deel 1 als deel 2 voldoende scoren om te slagen.
De uitslag is 1½ jaar geldig.


Tussentijdse toets

Waarom de tussentijdse toets?

Je ervaart wat het is om praktijkexamen te doen en het kan je dus helpen om eventuele nervositeit weg te nemen.
De examinator beoordeeld je rijden, getoetst aan de officiële examennormen. Het verschil met het echte examen is dat je niet kan slagen of zakken, maar wel vrijstelling verdienen voor de bijzondere manoeuvres bij het 1e praktijkexamen.

Het belangrijkste is dat je een advies krijgt over de examenonderdelen waar je nog extra aandacht aan moet besteden.
Daardoor ga je optimaal voorbereid naar het praktijkexamen en vergroot je slaagkans met 30% !

Je krijgt een advies mee wat je nog moet verbeteren voor het praktijkexamen en de examinator verteld of je de vrijstelling voor de bijzondere manoeuvres hebt verdiend.

Praktijkexamen

Het praktijkexamen is de afsluitende toets.
Je laat zien dat je de verkeersregels begrijpt, inzicht hebt in het verkeer, gevaar herkent en daar zelfstandig, veilig en sociaal mee omgaat.

Soms zul je van de regels moeten afwijken om het veilig te houden. Want als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan.
Foutloos rijden hoeft dus niet en kan ook niet, wel dat je veilig rijdt.

De examenrit duurt ongeveer 35 minuten.
Tijdens de rit krijg je opdrachten om in verschillende situaties links en rechts af te slaan en een gedeelte van de rit rij je via het navigatiesysteem.

Direct na afloop van het examen krijg je, samen met je instructeur, de uitslag.